Mahonie Sapeli

Sapeli wordt zowel massief als in de vorm van fineer en triplex toegepast.

Toepasingsgebieden zijn meubelen, binnenbetimmeringen, piano- en orgel-bouw en andere muziekinstrumenten, huiden en betimmeringen voor jachten, traptreden en trapbomen (bij voorkeur kwartiers gezaagd) en ook voor parketvloeren, draai- en beeldhouwwerk.

Andere namen voor Mahonie Sapeli

mahonie sapelieSapeli mahonie (Nederland), lifuti, undia-nuno (Angola), assié, sapelli, bonamba (Kameroen), m’boyo (Centraal-Afrikaanse Republiek), lifaki, undianuno (Congo (Brazzaville)), assi, dilolo (Gabon), sapele, penkwa (Ghana), aboudikro, bibitu, lotue (Ivoorkust), bee-a ti, doetue (Liberia), sapele, ubilesam, ukwekan (Nigeria, Groot-Brittannië), muyovu, miovu (Uganda), libuyu, lifaki (Zaïre).

Botanische naam

Entandrophragma cylindricum (Spra-gue) Sprague.

Familie

Meliaceae.

Groeigebied

West- en Centraal-Afrika.

Boombeschrijving

mahonie sapelieHoogte 40-50(-60) m, met een diameter van 0,7-l,2(-l,5) m afhankelijk van de ouderdom en de hoogte. De 15-20(-30) m lange takvrije stam is recht en cilindrisch. Aan de voet van de stam zijn vaak kleine wortel-aanzettingen aanwezig.

Aanvoer

Gekantrecht hout en fineer. In de praktijk blijkt dat sapeli, sipo en kosipo door elkaar gemengd worden aangeboden.

Duurzaamheid Mahonie Sapeli

Relatieve weerstand tegen schimmels Kernhout

Praktijkervaring en veldonderzoek:
NEN-EN 350-2 | 3
Veldonderzoekmethode:
NEN-EN 252
Laboratoriumtest met grondcontact:
NEN-ENV807 | 3
Laboratoriumtest zonder grondcontact:
(bovengronds) (sapeli uit Kameroen)
NEN-EN 113 | 4
Relatieve weerstand tegen dierlijke organismen:

Termieten: M.

Houtbeschrijving Mahonie Sapeli

Kernhout roze­rood, later tot diep roodbruin verkleurend. Het duidelijk van het kernhout te onderscheiden spint, dat maximaal 60-80 mm breed kan zijn, heeft een grauwroze of geelroze kleur. Het kern­hout heeft vaak een mooie goudachtige glans, zoals bij de Swietenia-mahoniesoorten. De meestal in sapeli voorkomende kruisdraad veroorzaakt op het kwartierse vlak de voor deze Afrikaanse houtsoort, uit de mahonie-familie, zo kenmerkende streeptekening van afwisselende donkere en lichte banden. De afstand tussen deze banden is vaak zeer regelmatig (hierdoor onderscheidt sapeli zich van sipo) en varieert van heel smal (dikwijls bij Nigeria sapeli) tot vrij breed (bijvoorbeeld bij aboudikro). Een ander kenmerk waarin sapeli zich van andere mahonies onderscheidt, is de cederachtige geur. Door afwijkingen in de draadrichting ontstaan soms fraaie figuraties, die bekend staan onder namen als gemoireerd, geappeld, drapé en dergelijke.

Draad

Kruisdraad, soms golvend of warrig.

Nerf

Matig grof.

Volumieke massa

(510-)640-650-700(-750) kg/m3 bij 12% vochtgehalte, vers 850-950 kg/m3.

Werken

Middelmatig.

Krimp

nat-12% rad. 3% tang. 4,3%. Krimpcoëfficiënt bij vochttraject 20-6% rad. 0,23% tang. 0,29%.

Drogen

Matig snel. Sapeli heeft neiging tot trekken en scheuren. Het moet dan ook langzaam met zorg bij niet te hoge temperaturen worden gedroogd. Sapeli neemt in geveltimmerwerk een houtvochtgehalte aan van 15-19%.

Hardheid volgens Janka

Langsvlak 6700 N.

Bewerkbaarheid

Sapeli is zowel machinaal als met handgereedschappen goed te bewerken. Gehard snijgereedschap wordt aanbevolen. De bewerking is vergelijkbaar met rode meranti, maar trekt iets, zoals iroko, tijdens het bewerken. Door de kruisdraad is bij schaven en frezen een kleine snijhoek wenselijk om uitspringende vezels te voorkomen. Laat zich goed tot fineer snijden en schillen.

Spijkeren en schroeven

Goed. Blauwgrijs verkleurend in contact met ijzer.

Lijmen

Moeilijk (geveltimmerwerk).

Buigen

Slecht.

Oppervlakafwerking

Goed met oplosmiddelhoudend en watergedragen verfsystemen.

Impregneerbaarheid

Kernhout 3. Spint 2.

Kwaliteitseisen

Sapeli is genoemd in de KVT, Kwaliteit van houten gevel­elementen. Dit betekent dat met sa­peli kozijnen met KOMO-productcerti-ficaat kunnen worden vervaardigd. Sapeli wordt genoemd in de BRL 1705 Triplex.